Blog 39: Krachtpiramide

Zoals we in het vorige blog al hebben geconcludeerd, is krachttraining een van de belangrijkste fysieke aandachtspunten om maximale voetbalprestaties te kunnen nastreven (en dat geldt zowel voor de dames als voor de heren)...

Lees meer »

Blog 38: Het belang van krachttraining

Voordat we uitgebreid ingaan op krachttraining binnen het voetbal, zullen we eerst kijken naar wetenschappelijk bevindingen met betrekking tot krachttraining en sportprestaties… Het trainen van maximaalkracht in de Squat (een krachtoefening voor de benen) verbetert het resultaat van sportspecifieke (veld)testen, zoals… - De Counter Movement Jump (CMJ) voor het bepalen van o.a. de spronghoogte. - Acceleratie over 10m.- De maximale sprintsnelheid.- De T-test, een zgn. agility-test voor het bepalen van de beweeglijkheid/ behendigheid in de kleine ruimte.Sportspecifieke acties (springen, starten, sprinten, wenden en keren) zijn dus gebaat bij een toename van maximaalkracht in de squat (McBride et al., 2009; Peterson et al., 2006; Wisløff, Castagna, Helgerud, Jones & Hoff, 2004).

Lees meer »

Blog 37: Pass- en trapvormen/ Afwerkvormen

Hoewel de meerwaarde van specifieke pass- en trapvormen in het jeugdvoetbal niet eensluidend is aangetoond (o.a. Carlsson et al 2024: Deuker et al., 2023), is het m.i. toch zinvol om tijdens de trainingsweek voldoende aandacht te schenken aan pass- en trapvormen, al dan niet gecombineerd met afwerkvormen. Dit geldt zowel binnen het jeugd- als het seniorenvoetbal. Deze keuze is niet alleen gebaseerd op het aanbieden van voldoende variatie (zie blog 17), maar biedt ook een aantal andere praktische voordelen.  Denk bijv. aan…

Lees meer »

Blog 36: Voetbaltraining - Positiespelen II

Laten we in deze blog verder inzoomen op de spelideeën en trainingsprincipes m.b.t. positiespelen die bij FC Barcelona worden gehanteerd.Het belangrijkste spelidee van het positiespel is het feit dat spelers de bal rondspelen in kleine ruimtes, waardoor teamgenoten -verder weg op het veld- vrij komen te staan, en dit de mogelijkheid biedt voor een snelle verplaatsing van het spel middels een lange pass…

Lees meer »

Blog 35: Voetbaltraining - Positiespelen I

Zoals we in blog 18 al hadden opgesomd, kunnen we naast de partijvormen ook een aantal andere trainingsmiddelen gedurende de trainingsweek inzetten, waaronder…- Positiespelen- Pass- en trapvormen- AfwerkvormenDaarnaast is er -vooral op de hogere voetbalniveaus- gedurende de week ook aandacht voor “algemene” trainingsmiddelen, zoals…- Krachttraining- Snelheidstraining- Individuele programma´s (blessurepreventief en/of prestatief)We zullen in de komende blogs deze trainingsmiddelen bespreken, zodat iedereen een juiste afweging kan maken in zijn/haar keuzes gedurende de trainingsweek. In de blog van vandaag trappen we af met de positiespelen... Net zoals bij de partijvormen kunnen we de intensiteit van de positiespelen positief beïnvloeden door het nemen van dezelfde maatregelen, die we eerder al uitgebreid hebben besproken: de spelregels (blog 22), de relatieve veldgrootte en spelersaantallen (blog 23, 24, 25, 26 en 27), de trainingsvariabelen en de manier van coachen (blog 28). We komen in dit blog dan ook niet meer terug op deze maatregelen, maar gaan de positiespelen op een andere manier belichten.Als er één topclub in Europa veel belang hecht aan positiespelen gedurende de trainingsweek, dan is dat wel FC Barcelona. Met de komst van Johan Cruijff als coach van het eerste elftal (1988) ontstond er een nieuwe voetbalfilosofie, die in overeenstemming was met de identiteit van deze grote club. Het spelidee dat Cruijff introduceerde was gebaseerd op de organisatie van spelers in het veld, die op zijn beurt afhankelijk was van de balpositie. Dit spelidee bevatte een aantal belangrijke kenmerken die door training bij spelers ontwikkeld en geoptimaliseerd moest worden…

Lees meer »

Blog 33: Voetbaltraining - Vermoeidheid door partijvormen I

Zoals we al eerder hebben aangegeven, wordt bij de kleine partijvormen de hoogste intensiteit behaald. Een intensiteit die vaak zelfs de wedstrijdintensiteit benaderd (zie blog 20). We moeten echter niet de denkfout maken dat de kleine partijvormen, door die hoge intensiteit, dus ook zullen leiden tot de grootste vermoeidheid bij spelers. Dat is namelijk zeker niet het geval. De vermoeidheid die spelers ervaren heeft niet alleen te maken met de intensiteit van de partijvormen, maar ook de omvang van diezelfde partijvormen speelt een belangrijke rol.We zullen dit aan de hand van een praktijkvoorbeeld -met data uit eigen onderzoek- verder verduidelijken. Zo zie je, in onderstaande tabel, de trainingsbelasting (TB) van drie verschillende partijvormen. Merk op dat we hier dezelfde variabelen hanteren voor de verschillende partijvormen, zoals al eerder aangegeven in blog 28. Variabelen die dan ook realistisch zijn voor een professioneel voetbalteam in de laatste fase van de voorbereiding of in de eerste fase van wedstrijdperiode 1 (WP1), direct na de start van de competitie …

Lees meer »

Blog 32: Voetbaltraining - Trainingsbelasting II

Zoals in het vorige blog al aangegeven, zullen we voor het praktijkvoorbeeld (in blog 33 en 34) uitgaan van het gemiddelde percentage van de maximale hartfrequentie (gem. %Hfmax) die spelers behalen gedurende de partijvormen. We zullen in dit blog uitleg geven over deze terminologie…Maximale hartfrequentie (Hfmax)Ieder mens heeft zijn eigen maximale hartfrequentie (d.w.z. het hoogste aantal hartslagen per minuut dat het hart kan bereiken bij maximale inspanning). Zo kan het voorkomen dat een speler een Hfmax heeft van bijv. 230 slagen per minuut (sl./min.), terwijl zijn teamgenoot die in het kleedlokaal naast hem zit “slechts” een Hfmax heeft van 190 slagen per minuut.Hoe hoog de maximale hartfrequentie van een speler ook is, deze waarde geeft geen enkel kwaliteitsoordeel over de betreffende speler. Met andere woorden: de maximale hartfrequentie zegt niets over de conditionele mogelijkheden van een speler. Wel is het belangrijk voor de begeleidingsstaf om de maximale hartfrequentie van elke speler in het team te weten. Het is anders onmogelijk om volledige inzage te hebben in de (interne) belasting en belastbaarheid van iedere speler in het team.Percentage van de maximale hartfrequentie (%Hfmax)Gedurende wedstrijden en trainingen zal de hartfrequentie van de spelers continue veranderen, afhankelijk van de spelsituaties die zich voordoen. In blog 2 hebben we al gezien dat korte, explosieve acties continu worden afgewisseld met langere periodes van lage tot middelmatige intensiteit. De intensieve wedstrijdperiodes resulteren in een toename van de hartfrequentie, terwijl de langere periodes met een lage tot middelmatige intensiteit het mogelijk maken dat een evt. verhoogde hartfrequentie weer kan afnemen.Wel duurt het een poosje voordat de hartfrequentie zal reageren op deze wisselende intensiteiten gedurende een training of een wedstrijd (Achten & Jeukendrup, 2003; Hoff et al., 2002). De hartfrequentie loopt in principe iets achter op de spelsituaties die zich voordoen. Zo zal direct na het beëindigen van een intensieve wedstrijdperiode de hartfrequentie nog een tijdje verhoogd blijven. Ook kunnen intensieve acties al aan de gang zijn, terwijl er nog geen duidelijke toename te zien is in de hartfrequentie.Hoewel er dus sprake is van een vertraagde reactie van het hart op de actuele spelsituatie, wordt de hartfrequentie gezien als een betrouwbare indicator voor de intensiteit tijdens inspanningen (Esposito et al., 2004), inclusief partijvormen in het voetbal (Hoff et al., 2002). De hartfrequente wordt dan ook in veel takken van sport gebruikt om de intensiteit van sportactiviteiten te bepalen (Achten & Jeukendrup, 2003).Gemiddelde percentage van de maximale hartfrequentie (gem. %Hfmax)Zoals de naam al doet vermoeden geeft het gem. %Hfmax de gemiddelde waarde aan van alle gemeten percentages van de maximale hartfrequentie gedurende een bepaalde periode. Gelukkig hoeven we deze gemiddelde waarde niet zelf te berekenen. In de analyse-softwareprogramma´s van de verschillende gps-systemen die in het voetbal gebruikt worden, kunnen we dit gem. %Hfmax na afloop van de training gemakkelijk opvragen.ReferentiesAchten J. & Jeukendrup A. E. (2003). Heart rate monitoring, Applications and limitations. Sports Medicine, 33, 517-538.Esposito F., Impellizzeri F. M., Margonato V., Vanni R., Pizzini G., & Veicsteinas A. (2004). Validity of Heart rate as an indicator of aerobic demand during soccer activities in amateur soccer players. European Journal of Applied Physiology, 93, 167-172.Hoff J., Wisløff U., Engen L. C., Kemi O. J., & Helgerud J. (2002). Soccer specific aerobic endurance training. British Journal of Sports Medicine, 36, 218-221.

Lees meer »

Blog 31: Voetbaltraining - Trainingsbelasting I

We hebben tot nu toe gezien dat de kleine partijvormen -door de geringe spelersaantallen- gepaard gaan met de hoogste intensiteit. We moeten echter niet klakkeloos aannemen dat de kleine partijvormen, door die hoge intensiteit, ook de grootste vermoeidheid teweegbrengen. Dat is namelijk zeker niet het geval.Voordat we aan de hand van een praktijkvoorbeeld (in blog 33 en 34) zullen terugkomen op deze vermoeidheid tijdens partijvormen, is het raadzaam om eerst wat meer informatie te verstekken over de term trainingsbelasting...Trainingsbelasting is -simpel gezegd-: de belasting die we aan de spelers opleggen door onze trainingen. We kunnen deze trainingsbelasting op twee manieren kwantificeren…Externe trainingsbelasting (TBE):Voorbeelden van TBE-data zijn: de totaal afgelegde afstand, de afstanden afgelegd in bepaalde snelheid-/tempozones, de totale sprintafstand, het totale aantal sprints, het totale aantal explosieve acties, etc. Dus feitelijk beschrijft de externe trainingsbelasting de voetbalarbeid die de speler heeft geleverd gedurende de training. We komen nog uitgebreid terug op de externe trainingsbelasting in de blogs “monitoring belasting vs. belastbaarheid”).Interne trainingsbelasting (TBI):Bij de interne trainingsbelasting moeten we eerder denken aan het in kaart brengen van de arbeid die bijv. het hart, de longen maar ook het spier- en zenuwstelsel moeten leveren tijdens trainingen. We kijken dus hoe diverse inwendige organen van het lichaam reageren op de voetbalarbeid die spelers leveren, zoals de afstanden die spelers afleggen en het aantal sprints die ze maken. We zullen in deze blog verder ingaan op de interne trainingsbelasting (met name die voor het hart) ten gevolge van het spelen van partijvormen.Een simpele formule voor trainingsbelasting is…Trainingsbelasting (TB) = trainingsomvang (A) x trainingsintensiteit (B)Ad A: Trainingsomvang…Bij partijvormen zullen we de omvang meestal uitdrukken als: de totale duur van alle partijen bij elkaar opgeteld, in minuten.Ad B: Trainingsintensiteit…Wanneer we de intensiteit van partijvormen willen kwantificeren, zullen we meestal gebruikmaken van (afgeleiden van de) hartfrequentie. Zo zullen we bij de berekeningen voor het praktijkvoorbeeld in blog 26 uitgaan van het gemiddelde percentage van de maximale hartfrequentie (gem. %Hfmax) die spelers behaald hebben gedurende de betreffende partijvormen.Wat we met deze terminologie bedoelen, zullen we in het volgende blog bespreken.

Lees meer »

Blog 30: Voetbaltraining - Partij- en loopvormen: ideale combinatie

Zoals al aangegeven in blog 18 liggen partijvormen en positiespelen het dichtst bij de wedstrijd. Deze voetbalspecifieke trainingsvormen zullen dan ook vaak terugkomen gedurende de trainingsweek. Dit wil echter niet zeggen, dat we op het veld uitsluitend voetbalspecifiek moeten trainen…De combinatie van partijvormen en loopvormen blijkt namelijk een effectievere optie voor het verbeteren van het uithoudingsvermogen dan partijvormen alleen (Hostrup & Bangsbo, 2023; Wells et al., 2014).Daarnaast kunnen loopvormen een “veiligere” overload prikkel betekenen dan het spelen van partijvormen, zeker op het einde van de conditionele training als vermoeidheid begint mee te spelen. Loopvormen zijn ook nuttig om een grote paslengte aan te spreken in weken waarin we uitsluitend in kleinere voetbalvormen trainen, maar ook voor bepaalde spelers die het nodig hebben (op basis van de gps data-analyse).In deze context zou ik ook nog graag twee interessante opmerkingen willen aanhalen van Nick Winkleman tijdens zijn presentatie over periodiseringsprofielen voor topsporters op de National Conference van de NSCA* in 2012…“Tijdens de wedstrijdperiode zul je vooral aandacht moeten schenken aan (het onderhouden van) die fysieke eigenschappen die niet gevraagd worden tijdens de uitvoering van de sport zelf, maar wel de basis vormen voor maximale prestaties”.“Maximale overload is alleen mogelijk in algemene trainingsvormen”.Twee opmerkingen, die gerelateerd waren aan het onderwerp reversibiliteit….Reversibiliteit (of omkeerbaarheid) houdt in dat behaalde trainingseffecten verloren gaan zodra je stopt met trainen. Het lichaam zal zich namelijk altijd aanpassen aan de eisen die eraan gesteld worden, in dit geval een lagere trainingsprikkel. Dit principe (ook bekend als: "use it or lose it") geeft aan dat alle trainingsadaptaties, zoals spierkracht, explosiviteit, conditie aspecten, etc. slechts tijdelijk zijn en zullen verdwijnen als je niet consistent blijft trainen. NootNSCA*:  De NSCA is de overkoepelende organisatie voor kracht- en conditietrainers in de Verenigde Staten en de afkorting staat voor National Strength and Conditioning AssociationReferentiesHostrup M. & Bangsbo., J. (2023). Performance adaptations to Intensified training in top level- Football. Sports Medicine, 53, 577–594, https://doi.org/10.1007/s40279-022-01791-z.Wells C., Edwards A., Fysh M., & Drust B. (2014). Effects of high-intensity running training on soccer-specific fitness in professional male players. Applied Physiology Nutrition and Metabolism, 39, 763–769. dx.doi.org/10.1139/apnm-2013-0199.

Lees meer »